Christiaan, de zoekende

Na Ante kwam Paul. En ergens voelde ik eigenlijk al dat daarna vanzelf de vraag zou ontstaan waarom ik ook Christiaan heet.

In de eerdere blogs schreef ik al hoe namen langzaam meer betekenis kunnen krijgen naarmate je ouder wordt. Eerst zijn het woorden die op documenten staan. Later worden het spiegels waarin onverwacht delen van jezelf zichtbaar worden. Niet doordat een naam je leven volledig bepaalt, wel doordat bepaalde lijnen ineens herkenbaar worden wanneer je terugkijkt.

Bij Ante zag ik de wandelaar terug. De jongen uit Kinderen van de grote Fjelds die onderweg was naar een betere wereld voor zijn broertjes en zusjes. Dat beeld bleef jarenlang ergens op de achtergrond aanwezig. Pas tijdens Walking for Humanity begon ik te voelen hoe sterk die symboliek eigenlijk verweven zat met mijn eigen leven. Ook ik liep van noord naar zuid vanuit een verlangen naar menselijkheid, verbinding en een samenleving waarin kwetsbaarheid niet automatisch betekent dat iemand minder waard wordt gevonden.

Bij Paul ontdekte ik vervolgens een andere laag. De innerlijke strijd tussen overtuiging en menselijkheid. Het verlangen om waarheid te zoeken zonder zelf hard te worden onderweg. En de wil om op reis te gaan, weg te gaan uit wat was. Juist dat spanningsveld herken ik steeds vaker in deze tijd. Discussies lijken sneller vast te lopen in kampen, overtuigingen en identiteiten. Mensen luisteren minder om elkaar werkelijk te begrijpen en steeds vaker om hun eigen gelijk overeind te houden.

En toen bleef uiteindelijk die derde naam over.

Christiaan.

Juist die naam voelde jarenlang ingewikkeld voor mij. Niet vanwege Jezus (Christus – Waar de naam Christiaan vandaan komt, als zijnde een Christen) als persoon. Integendeel. Veel van wat aan Hem wordt toegeschreven raakt mij juist diep. De aandacht voor mensen aan de rand van de samenleving. De kritiek op macht en hypocrisie. Het idee dat liefde meer zegt over een mens dan status, bezit of afkomst ooit kunnen doen.

Tegelijkertijd voelde ik altijd een zekere afstand tot de institutionele kant van religie. Alsof iets wat ooit draaide om gemeenschap en ontmoeting onderweg langzaam veranderde in structuren, regels en systemen die zichzelf in stand proberen te houden.

Tijdens mijn zoektocht naar de betekenis van de naam Christiaan kwam ik opnieuw (al eerder heb ik mij hierin verdiept) terecht bij het Griekse woord ekklesia. Een woord dat later vaak vertaald werd als kerk, terwijl de oorspronkelijke betekenis veel dichter ligt bij een gemeenschap van mensen die samenkomen. Dat verschil bleef hangen in mijn gedachten.

Want wanneer ik eerlijk kijk naar de momenten waarop ik het meeste gevoel van zingeving ervaar, dan ontstaan die zelden binnen een instituut. Ze ontstaan onderweg. Tijdens gesprekken aan een eettafel. In stiltes tijdens een wandeling. In onverwachte ontmoetingen tussen mensen die elkaar oprecht proberen te begrijpen, ergens buiten op straat of in de natuur.

Juist daar lijkt iets zichtbaar te worden wat groter voelt dan het individu zelf. Dat inzicht bracht mij de afgelopen jaren ook vaker terug naar een uitspraak van Jezus die mij diep raakt:

“Waar twee of drie mensen samenkomen in Mijn naam, daar ben Ik in hun midden.”

Die woorden gaan voor mijn gevoel over iets fundamenteels menselijks. Niet over macht. Niet over hiërarchie. Niet over gebouwen. Het gaat over aanwezigheid tussen mensen. Over echte ontmoeting. Over het vermogen om elkaar werkelijk te zien.

En misschien verklaart dat ook waarom de wereld vandaag de dag voor veel mensen zo onrustig voelt. Technologie verbindt ons voortdurend met elkaar, terwijl echte ontmoeting steeds zeldzamer lijkt te worden. Mensen communiceren onafgebroken, al voelt een groot deel van die communicatie tegelijk afstandelijker dan ooit.

We reageren sneller.
We oordelen sneller.
We plaatsen elkaar sneller in groepen, ideologieën en kampen.

Ondertussen verdwijnt juist datgene waar gemeenschap ooit om draaide: de rustige ontmoeting tussen mensen die elkaar proberen te begrijpen zonder direct te winnen.

Tijdens Walking for Humanity merkte ik hoe sterk juist die kleine ontmoetingen blijven hangen. Niet de grote speeches of online discussies. Wel de gesprekken onderweg. Een bak warme chocola bij iemand thuis. Een stil moment naast iemand die zijn verhaal deelt. De eenvoudige ervaring dat aandacht soms belangrijker voelt dan een oplossing.

Hoe langer ik daarover nadenk, hoe meer ik voel dat de naam Christiaan voor mij uiteindelijk minder gaat over religie in traditionele zin en veel meer over een zoektocht naar menselijkheid. Naar de vraag hoe je leeft tussen andere mensen. Naar hoe je probeert aanwezig te zijn zonder jezelf voortdurend centraal te stellen.

En ergens vormen mijn namen daardoor samen één verhaal: Ante was de wandelaar, Paul de worstelaar en Christiaan? Christiaan werd uiteindelijk de zoektocht naar gemeenschap. Niet perfect. Zeker niet heilig. Gewoon een mens onderweg die probeert te begrijpen wat het betekent om werkelijk mens te zijn tussen andere mensen. En continue op zoek is om die menselijkheid weer terug te brengen in de maatschappij, soms al wandelend, soms al worstelend, maar altijd zoekend.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.