Ik ben niet meer het kleine broertje

Er zijn breuken die eruitzien als ruzies, in werkelijkheid langzaam zijn het echter gegroeide verschuivingen. Mijn breuk met drie van mijn vier broers was geen explosie. Het was een grens die zich over de jaren had opgebouwd, tot het moment kwam waarop ik voelde: En hier en nu stopt het.

Ik ben de jongste van vijf zonen. In een gezin van zeven met vijf zonen ontstaan vanzelf rollen. De oudste dragen, de middelste bemiddelen, de jongste beweegt mee. Dat gaat niet bewust, dat ontstaat als vanzelf. En vaak blijft het bestaan, zelfs wanneer iedereen al lang en breed volwassen is geworden. Lang heb ik gedacht dat ik daar prima mee kon leven. Tot ik merkte dat het me kleiner maakte dan ik ben.

Direct na het overlijden van mijn moeder kwamen er scheurtjes. Na het overlijden van mijn vader kwamen ze meer aan de oppervlakte. Geen grote drama’s, zelfs geen schreeuwende conflicten. Het waren subtiele momenten waarin ik merkte dat mijn keuzes niet werden bevraagd vanuit nieuwsgierigheid, ze werden beoordeeld vanuit een positie ‘boven’ mij. “Is dat wel verstandig?” “Ontloop je je verantwoordelijkheid niet?” “Heb je daar goed over nagedacht”? Op zichzelf zijn dat legitieme vragen, zou je kunnen zeggen. Ik vind het ook goed om uitgedaagd te worden. Ik maak fouten, en ik leer en vandaaruit groei ik. Wat het verschil maakt is de ondertoon. De conclusie die al vaststaat voordat het gesprek begint. De impliciete boodschap dat mijn manier van leven correctie nodig heeft.

Toen ik een periode alleen naar Noorwegen vertrok, was dat voor mij geen vlucht. Het was reflectie. Het was ruimte nemen om na te denken, te schrijven, te lopen, te zijn. Voor mij was het volwassen. Voor hen was het onverstandig. En wat mij raakte was niet hun mening, het was het gemak waarmee mijn keuzes werden weggezet als tekortschietend. Daar gebeurde iets in mij. Ik voelde hoe ik opnieuw in de positie van het ‘kleine broertje’ werd geplaatst. Diegene die nog bijgestuurd moet worden… Degene die het misschien niet helemaal overziet…

Ik ben bijna 54 jaar. Ik ben vader. Ik ben ondernemer. Ik draag mijn eigen verantwoordelijkheid. Ik maak mijn eigen afwegingen. En ja, ik val soms. Dat zijn mijn valpartijen. Wat mij uiteindelijk deed besluiten afstand te nemen was niet één incident, het was het patroon. Het steeds opnieuw ervaren dat mijn grenzen werden gerelativeerd. Een voorbeeld: Dat wanneer ik zei “dit wil ik niet”, het antwoord kon zijn: “Ik bepaal zelf of ik jou een bericht stuur.” Dat soort zinnen zijn klein van vorm en groot van betekenis. Ik heb geblokkeerd. Dat vond ik moeilijk, ik ervoer het zelfs als onvolwassen gedrag. Toch was het, blijkbaar de enige manier om mijn grens (serieus) duidelijk te maken toen woorden niet meer werkten. Een grens zonder consequentie is immers geen grens. In die afstand kwam vervolgens rust, echte rust. Ik voelde geen triomf, geen wrok, zelfs geen verdriet. Gewoon een overweldigende rust…

Echter later kwam daar toch verdriet. Niet om de ruzie, ook niet om het gemis op zichzelf. Het ging dan om het idee van broederschap. Om hoe het zou kunnen zijn. Om wat mijn moeder ooit bijeenhield. Zij was de olie in de machine als zijn elke vrijdagavond iedereen belde. Zij verbond en maakte geen onderscheid tussen de oudste of de jongste. Zij maakte zonen en toen zij wegviel, viel ook het vanzelfsprekende samen weg. Ik heb mezelf wel eens de vraag gesteld of ik mijn broers mis, of dat ik het idee mis dat broers bij elkaar horen. Dat zijn twee verschillende dingen. Ik denk dat het tweede sterker is. Loyaliteit is diep in mij verankerd. Het voelt vreemd om geen contact te hebben. Het voelt alsof iets hoort wat er niet is.

Tegelijk weet ik dat ik niet terug wil in de oude rol. Ik ben niet meer het kleine broertje. Ik hoef niet beschermd te worden tegen mijn eigen keuzes. Ik hoef niet gecorrigeerd te worden vanuit hiërarchie. Ik wil uitgedaagd worden als gelijke. Misschien komt er ooit weer contact, misschien ook niet. Als het komt, zal het alleen kunnen bestaan wanneer ik mijn volwassen positie kan blijven innemen zonder te (moeten) krimpen. Niet om hen te veranderen. Ik wil alleen mezelf niet meer verliezen. Die grens ga ik niet meer over, nooit meer en voor niemand niet.

Familie is geen verplichting tot zelfverkleining. Liefde verdraagt geen hiërarchie. Familie wordt ook niet door een biologische bond gesmeed. Familie is een samensmelting van eretitels, die je trots en met respect mag dragen.

Ik heb gekozen voor rust, niet tegen hen, gewoon… voor mezelf!

Mijn broers en ik, ergens midden jaren 80

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.