Mona Keijzer wordt door veel mensen gezien als een van de nettere gezichten van de Nederlandse politiek. In een tijd waarin debatten regelmatig ontsporen in harde oneliners, beschuldigingen en zichtbare woede, straalt zij rust uit. Ze spreekt beheerst, zorgvuldig en beleefd. Haar toon is zelden agressief. Haar woorden klinken verzorgd en doordacht.
Wie haar ziet spreken begrijpt direct waarom veel mensen haar waarderen. Zelfs mensen die het inhoudelijk niet met haar eens zijn, erkennen vaak dat zij zich fatsoenlijk opstelt in gesprekken en debatten. Wanneer ik haar zelf kritisch aanspreek, krijg ik geregeld reacties terug van mensen die zeggen dat andere politici een voorbeeld aan haar zouden moeten nemen. En eerlijk gezegd begrijp ik die reactie ook wel. Ze scheldt niet. Ze verheft haar stem nauwelijks. Ze presenteert zichzelf als iemand die vanuit normen, waarden en fatsoen spreekt.
Dat beeld ontstaat niet uit het niets. Het is een zorgvuldig opgebouwd imago van betrouwbaarheid, rust en christelijke degelijkheid. Een vrouw die eerlijk wil zijn. Rechtschapen wil handelen. Niet mee wil gaan in politieke hysterie. Juist daardoor komt haar boodschap voor veel mensen geloofwaardig over.
Dat maakt het interessant om verder te kijken dan alleen toon en uitstraling.
Het christelijke fundament
Mona Keijzer spreekt namelijk zelf regelmatig over haar geloof en christelijke waarden als fundament onder haar handelen. In een interview met Katholiek Nieuwsblad zegt zij dat de katholieke waarden die zij meekreeg “het politieke fundament waarop ik sta” vormen. Begrippen als solidariteit en barmhartigheid noemt zij daarbij expliciet.
In een interview met Revive spreekt zij over “christelijke naastenliefde” en het belang van grondrechten en menselijke waardigheid. Ook in gesprekken over politiek en samenleving verwijst zij regelmatig naar normen, waarheid en verantwoordelijkheid. Zij positioneert zichzelf nadrukkelijk als iemand die handelt vanuit overtuiging, niet vanuit opportunisme. Dat beeld sluit aan bij hoe veel mensen haar ervaren.
Rustig. Principieel. Waardengedreven.
Juist daarom ontstaat een ongemakkelijke spanning wanneer sommige van haar uitspraken naast diezelfde christelijke uitgangspunten worden gelegd.
De vreemdeling liefhebben
De Bijbel spreekt opvallend vaak over de omgang met vreemdelingen, vluchtelingen en kwetsbaren.
In Leviticus 19:33 staat: “De vreemdeling die bij u verblijft, zult gij behandelen als een geboren Israëliet; gij zult hem liefhebben als uzelf.”
In Matteüs 25:35 zegt Jezus: “Ik was vreemdeling en gij hebt Mij opgenomen.”
En in Jakobus 3 wordt gewaarschuwd voor woorden die mensen beschadigen: “Met dezelfde tong loven wij God en vervloeken wij mensen.”
Tegen die achtergrond krijgen sommige uitspraken van Mona Keijzer een andere lading.
In het televisieprogramma Sophie & Jeroen zei zij (bij 1:52): “Jodenhaat is bijna onderdeel van de islamitische cultuur.”
Die uitspraak leidde tot aangiftes en grote maatschappelijke discussie. Het Openbaar Ministerie besloot uiteindelijk niet tot vervolging over te gaan, vanwege de ruimte die politici hebben in het publieke debat. Tegelijk noemde het OM de uitspraak wel “beledigend” en “onnodig grievend”. Besluit Openbaar Ministerie
Daar ontstaat de spanning. Niet omdat kritiek op antisemitisme verkeerd zou zijn. Antisemitisme moet altijd benoemd en bestreden worden. Ook binnen islamitische gemeenschappen wanneer dat voorkomt. De spanning ontstaat doordat een enorme en diverse groep mensen cultureel wordt verbonden aan haat. Niet individuen. Niet extremisten. Een complete cultuur.
Dat wringt met het christelijke principe waarin ieder mens eerst individu en medemens is.
De barmhartige Samaritaan uit het Evangelie is juist een verhaal waarin Jezus de collectieve vooroordelen van zijn tijd doorbreekt. De “vreemde ander” blijkt degene die menselijkheid toont.
Waarheid en politieke framing
Naast de morele spanning bestaat ook een feitelijke spanning in delen van het migratiedebat. Mona Keijzer koppelt maatschappelijke problemen regelmatig sterk aan asielinstroom en migratie. Dat gebeurt vaker binnen het huidige politieke klimaat. Alleen blijkt de werkelijkheid vaak ingewikkelder dan politieke slogans suggereren.
Zo wordt de woningcrisis regelmatig verbonden aan vluchtelingen en statushouders. Tegelijk laten analyses van onder andere de overheid, woningcorporaties en experts zien dat het Nederlandse woningtekort al jarenlang groeit door politieke keuzes, bevolkingsgroei, investeringsbeleid, stikstofproblemen, trage bouwprocedures en jarenlang achterblijvende woningbouw. Vluchtelingen vormen daarin slechts een beperkt deel van het geheel.
Ook de opvangcrisis is niet uitsluitend het gevolg van “te veel vluchtelingen”. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers waarschuwt al jarenlang voor het afbouwen van opvangcapaciteit en het gebrek aan structureel beleid. COA nieuwspagina over oa opvangproblemen
Wereldwijd noemt UNHCR oorlog, geweld, vervolging en mensenrechtenschendingen als primaire oorzaken van vluchtelingenstromen. Niet culturele voorkeuren. Niet economische luxe. Niet een verlangen om Europese samenlevingen te ontwrichten.
Dat betekent niet dat migratie geen uitdagingen veroorzaakt. Die uitdagingen bestaan absoluut. Alleen ontstaat een probleem wanneer complexe maatschappelijke vraagstukken structureel worden teruggebracht tot één herkenbare zondebok.
Rustige woorden kunnen dat proces zelfs versterken. Juist doordat ze netjes klinken.
De spanning tussen uitstraling en inhoud
Dat maakt Mona Keijzer tot een interessante politieke figuur. Niet vanwege schreeuwerigheid of grove taal. Precies het tegenovergestelde. Zij laat zien dat harde frames niet altijd hard hoeven klinken. Wantrouwen kan ook worden uitgesproken met een glimlach. Generalisaties kunnen ook beleefd worden verpakt. Een nette toon maakt een uitspraak niet automatisch waar, zorgvuldig of christelijk.
Misschien ligt daar juist de grootste verantwoordelijkheid voor politici die zichzelf verbinden aan geloof, waarheid en naastenliefde. Niet alleen letten op de vorm van woorden, ook op de menselijkheid die eronder ligt.
Want uiteindelijk wordt christelijkheid niet zichtbaar in hoe vriendelijk iemand spreekt over waarden. Het wordt zichtbaar in hoe iemand spreekt over mensen die kwetsbaar, vreemd of impopulair zijn.
En precies daar ontstaat de vraag of Mona Keijzer werkelijk zo christelijk, waarheidsgetrouw en rechtschapen is als haar uitstraling doet vermoeden.