Woningnood is geen migratieprobleem

Over hoe makkelijke verklaringen echte oplossingen in de weg staan

In het debat (zie onderaan een weergave, zoals door JA21 zelf gedeeld) over woningnood klinkt steeds vaker dezelfde redenering: Nederland groeit, die groei komt door migratie, en dus is migratie de oorzaak van het woningtekort. Het klinkt logisch. Het is overzichtelijk. En het is politiek handig. Maar wie iets langer kijkt dan de oneliner, ziet dat dit verhaal niet klopt.

Het migratiesaldo ís inderdaad de belangrijkste verklaring voor de bevolkingsgroei van Nederland. Dat feit staat niet ter discussie. In recente jaren kwamen er per saldo honderdduizenden mensen bij. Maar wat in het debat consequent wordt gedaan – onder andere door JA21 en haar Kamerlid Ranjith Clemminck-Croci – is een cruciale denkfout: bevolkingsgroei wordt één-op-één gelijkgesteld aan woningvraag.

Die rekensom klopt niet.

1. Groei van mensen ≠ groei van woningen

Wanneer wordt gesproken over “een stad als Zwolle per jaar”, wordt gesuggereerd dat 100.000 extra inwoners ook 100.000 extra woningen betekenen. Dat is feitelijk onjuist. Mensen wonen niet per definitie alleen. Arbeidsmigranten delen vaak woonruimte. Gezinnen bestaan uit meerdere personen per woning. Studenten wonen samen. En tijdelijke migranten verblijven vaak in bestaande huisvesting of collectieve woonvormen.

De relatie tussen bevolkingsgroei en woningvraag bestaat – maar zij is niet lineair. Wie die nuance weglaat, creëert een beeld dat statistisch niet klopt en beleidsmatig misleidend is.

2. Een groot deel van de migratie is arbeids- en gezinsgerelateerd

Een belangrijk deel van de migratie waarover gesproken wordt, betreft arbeidsmigratie, vaak gevolgd door gezinsmigratie. Welke categorie “het grootst” is, hangt sterk af van hoe je telt, maar samen vormen zij het zwaartepunt van de instroom. Het gaat hier om mensen die werken in de bouw, de zorg, de logistiek, de landbouw, de industrie en de techniek. Sectoren die nu al kampen met structurele tekorten.

Wie arbeidsmigratie reduceert tot “druk op de woningmarkt”, vergeet wat er gebeurt als deze mensen er níét zijn:

  • Er worden minder woningen gebouwd, niet meer.
  • De zorg loopt verder vast.
  • Distributiecentra, voedselketens en infrastructuur stagneren.
  • De economische schade loopt snel op.

Arbeidsmigratie is geen luxe. Het is een randvoorwaarde voor het functioneren van de Nederlandse samenleving. Wie zegt “we kunnen de migratiekraan dichtdraaien”, moet ook zeggen welke ziekenhuizen sluiten, welke bouwprojecten stilvallen en welke sectoren mogen instorten.

Dat gesprek wordt zelden gevoerd.

3. Dan blijft asiel over – het bekende frame

Omdat arbeidsmigratie onmisbaar blijkt, verschuift het betoog vrijwel automatisch naar asielmigratie. Dat is geen toeval. Het is politiek eenvoudiger. Het past in een oud narratief waarin een herkenbare groep tot probleem wordt verklaard.

Maar ook hier spreken de cijfers een andere taal.

Asielstatushouders ontvangen circa 7 à 8% van de vrijgekomen corporatiewoningen. Dat betreft dus een specifiek segment van de woningmarkt: sociale huur bij woningcorporaties. Zelfs als de asielinstroom morgen volledig zou stoppen – een theoretisch en juridisch onrealistisch scenario – kan dit aandeel het woningtekort niet verklaren en niet oplossen.

De woningcrisis verdwijnt er niet door. Niet eens in de buurt.

4. Wat lost het dan wél op?

En hier wordt het interessant, want precies op dit punt blijft het bij JA21 en bij Clemminck stil. Want wie eerlijk kijkt naar de oorzaken van de woningnood, komt uit bij:

  • decennialang te lage bouwproductie,
  • het instorten van de woningbouw na 2008,
  • het ontbreken van regie op volkshuisvesting,
  • vastgelopen doorstroming,
  • beleggersbeleid,
  • ruimtelijke ordening,
  • stikstof en vergunningstrajecten.

Dat zijn geen migratievraagstukken. Dat zijn beleidsvraagstukken. Lastig. Ingewikkeld.

Zonder simpele zondebok.

5. Geen oplossingen, wel een schuldige

Wat er in plaats daarvan gebeurt, is pijnlijk herkenbaar: steeds opnieuw wordt “een groep migranten” aangewezen als veroorzaker van een probleem dat zij niet hebben veroorzaakt – en waarvan we tegelijkertijd niet eens zonder hen kunnen functioneren.

Dat lost niets op. Het verplaatst alleen de aandacht.

Wie écht wil bouwen aan oplossingen, zal moeten erkennen dat woningnood niet wordt opgelost door minder mensen toe te laten, maar door anders te plannen, anders te bouwen en anders te sturen.

6. Een ongemakkelijke ironie

Daarbij is er nog een ongemakkelijke laag. Clemminck is zelf geboren in Sri Lanka en heeft een partner met een migratieachtergrond. Dat maakt zijn betoog niet per definitie onjuist – argumenten moeten op inhoud worden beoordeeld, niet op afkomst. Maar het maakt wel zichtbaar hoe gemakkelijk het is om migratie als abstract probleem te behandelen, zolang het niet over “de juiste mensen” gaat.

Juist van iemand met deze persoonlijke achtergrond zou je mogen verwachten dat hij het verschil ziet tussen cijfers en mensen, tussen oorzaak en framing, tussen analyse en politiek gemak.

Slot

De woningnood is reëel. De frustratie is begrijpelijk. Maar wie echte oplossingen wil, moet ophouden met het verkopen van simpele verklaringen die statistisch niet kloppen en maatschappelijk schade aanrichten.

Migranten zijn niet het probleem

Slecht beleid is dat wel

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.