Af en toe krijg ik reacties van mensen die zich afvragen hoe mijn blogs eigenlijk geschreven worden. Sommigen vermoeden dat ik daar AI-hulp bij gebruik. Dat vermoeden komt vaak voort uit de lengte van de teksten en de manier waarop ze zijn opgebouwd. Lange, vloeiende verhalen roepen tegenwoordig al snel de vraag op of daar kunstmatige intelligentie bij betrokken is.
Die vraag begrijp ik goed en juist daarom vertel ik graag open hoe mijn blogs tot stand komen.
Een kijkje in de keuken…
Veel van mijn blogs beginnen niet met schrijven, maar met (na)denken. Een gedachte die ergens tijdens een wandeling opkomt, tijdens een gesprek dat blijft hangen of via een nieuwsbericht dat iets losmaakt. Of willekeurig wat anders… soms komt het gewoon in mij op, zonder ogenschijnlijke aanleiding. Langzaam vormt zich een onderwerp dat vraagt om verder onderzocht te worden.
Fase 1: Het idee
Wanneer een idee zich begint te ontwikkelen, zoek ik eerst naar context. Ik lees artikelen, kijk naar achtergrondinformatie en probeer verschillende perspectieven te begrijpen. Dat doe ik via diverse (internet)bronnen, artikelen of andere publicaties. Dit doe ik niet om een kant-en-klare mening te vinden, maar om het onderwerp beter te kunnen duiden en ook te kunnen plaatsen. En niet in de laatste plaats hoe ik mij tot het verhaal verhoudt. Pas daarna begint het echte schrijfproces.
Fase 2: De eerste versie…
In veel gevallen spreek ik mijn gedachten in, in plaats van ze direct op te schrijven. Dat heeft vooral een heel praktische reden. Praten gaat mij makkelijker af dan typen (dat zullen velen van jullie wel herkennen, denk ik). En ik kan prima typen, ik kan dat alleen niet blind en ik kan dat vooral niet snel genoeg. Terwijl mijn vingers hun weg zoeken over het toetsenbord, gaan mijn gedachten vaak al veel sneller verder. Het tempo van het schrijven kan mijn gedachten vaak nauwelijks, zeg maar gerust niet, bijhouden. Waardoor veel aandacht dan gaat naar het schrijven en niet naar mijn proces in mijn hoofd. Dat vind ik jammer. Dus spreek ik hele monologen in…
Door mijn verhaal in te spreken ontstaat er een veel natuurlijkere stroom van mijn gedachten. Ik vertel wat mij bezighoudt, welke vragen er door mijn hoofd gaan, maar ook bijvoorbeeld welke overwegingen ik maak. Dat gesproken verhaal gaat vervolgens naar AI. Niet om een mening te laten verzinnen, maar om mijn woorden te ordenen en er een leesbaar verhaal van te maken. Je zou het kunnen vergelijken met een redacteur die naast je zit terwijl je vertelt. De inhoud blijft mijn eigen gedachtegang gebaseerd op mijn eigen vragen, twijfels en conclusies. Ze komen voort uit mijn eigen reflectie.
Fase 3: Er ontstaat een concept
Wanneer die eerste versie er ligt, begint de tweede fase (eigenlijk de derde fase van het proces) van het schrijven. Ik lees de tekst terug en merk vaak dat het lezen zelf weer nieuwe gedachten oproept. Soms zie ik zinnen die net anders voelen dan ik ze bedoeld had. Soms ontdek ik dat er een gedachte ontbreekt of dat een nuance nog niet goed verwoord is.
Op dat moment pas ik het verhaal weer aan. Zo gaat de tekst geregeld meerdere keren heen en weer totdat het geheel klopt met wat ik werkelijk voel en wilde zeggen. Wanneer het verhaal compleet voelt, laat ik het meestal nog even liggen. Een dag afstand nemen helpt mij om met frisse ogen terug te kijken. Dan lees ik het een dag later opnieuw, soms zelfs pas na twee dagen of nog later…
Fase 4: De definitieve versie
Die laatste leesronde doe ik altijd zelf, zonder hulp van technologie, anders dan het uitprinten. In een stoel vanaf papier leest het het lekkerste. Daarmee leg ik er bewust mijn eigen handmatige toets overheen. Ik kijk of de woorden echt passen bij hoe ik spreek en denk. Soms merk ik dat een zin te ver van mijn eigen manier van formuleren afstaat, dan herschrijf ik hem. Soms voeg ik nog een gedachte toe die ik eerder gemist had. Pas wanneer die laatste handmatige ronde klaar is, voelt het verhaal werkelijk als mijn verhaal.
Soms gaat het anders
Sommige blogs ontstaan overigens nog altijd volledig op de klassieke manier. Vooral de meer persoonlijke verhalen schrijf ik zelf uit. In dat soort teksten zit vaak een emotionele laag die ik rechtstreeks wil verwoorden. Tussenkomst van AI haalt dan meer weg dan wat ik erin stop, dat wil ik niet. Soms is een verhaal erg persoonlijk of nog te vers, dan gebruik ik vaak symboliek om wel mijn emoties erin te kunnen stoppen zonder mensen te kwetsen. Het mooie wat ik daarvan terug hoor is dat door de gebruikte symboliek mensen er ook een eigen waarde aan kunnen geven en zo mijn verhaal ervaren zoals zij zelf in het leven staan. Ik vind dat een mooie bijkomstigheid, maar geen doel op zich. Deze verhalen zijn er vooral voor mijn eigen verwerking, mijn eigen proces.
Fase 5: Het posten op de socials
Wanneer een blog klaar is voor de website, begint de laatste stap. Op sociale media werkt een verhaal anders. Daar is minder ruimte en moet een tekst in een paar zinnen duidelijk maken waar het over gaat. Daarbij maak ik dankbaar gebruik van AI. Ik laat AI een korte (max 1 A4) samenvatting maken voor LinkedIn en een compacte teaser (2 alinea’s max) schrijven voor Facebook en Instagram. De kern van het verhaal blijft daarmee hetzelfde, alleen de vorm wordt aangepast aan het medium. Samenvattingen kan AI sneller en waarschijnlijk ook beter dan ik dat kan.
De banners
Ooit gebruikte ik vooral foto’s van internet. Nieuwsfoto’s bij posts over de politiek of andere echte onderwerpen. Hiermee gebruikte ik geregeld auteursrechtelijk beschermde foto’s. Meer uit onwetendheid en ook wel luiheid en gemak. Dit leverde mij een, overigens terechte, waarschuwing op van een van den persdiensten. Nou ja, waarschuwing, ze stuurde gelijk een gepeperde factuur. Maar in gesprek en snel handelen kon ik dit gelukkig omzetten in een waarschuwing. Ik heb al die foto’s verwijderd en moest op zoek naar nieuwe foto’s. AI gaf mij ook daar een oplossing. Ik genereer vrijwel al mijn banners met AI, ik laat mijn blog omzetten in een prompt voor een banner. Soms zijn de ideeën die daaruit komen voldoende, soms heb ik zelf een andere idee of gevoel. Dan volg ik eigenlijk een beetje dezelfde stappen als hierboven: Ik praat mijn wens uit en laat deze omzetten in een prompt. En op de uitkomst geef ik feedback tot dat de banner naar mijn tevredenheid is. Soms gebruik ik, zoals bij deze blog, een eigen foto als input die AI dan bij schaaft. Hier heb ik een beetje een haat-liefde verhouding met het proces. Ik vind het lang duren voor ik de juiste banner heb, er zitten vaak kleine – voor mij – irritante foutjes in (heb jij wel eens zo’n foutje gezien? Laat het me weten, ze zijn er…). Maar tegelijkertijd zelf zou ik het niet beter, en zeker niet sneller kunnen.
Tot slot
Voor mij voelt deze manier van werken eigenlijk heel logisch. Technologie helpt om gedachten te ordenen en leesbaar te maken, terwijl de inhoud voortkomt uit menselijke ervaringen, gesprekken en reflectie. Uiteindelijk draait schrijven niet alleen om woorden op papier. Het gaat om het delen van ideeën, het stellen van vragen en het zoeken naar nieuwe perspectieven. Als technologie daarbij helpt om een verhaal helder te vertellen, dan zie ik dat vooral als een waardevolle aanvulling op het proces. Zolang ik bij het resultaat ervaar dat dit echt van mij is, dan is mijn missie geslaagd. Op deze manier lukt het mij én mijn gedachten te ordenen, om te zetten in teksten die passen bij mijn boodschap en gevoel, zonder te mezelf te frustreren in mijn eigen beperkingen.
Hoe ervaren jullie mijn blogs? Hoe zouden jullie dit aanpakken?