Sommige dagen laten zich pas ’s avonds begrijpen. Dagen waarop gesprekken meer zijn dan woorden en besluiten verder reiken dan de tafel waaraan ze genomen worden. Een maand geleden had ik zo’n dag. Samen met Jonas en onze adviesraad zat ik rond de tafel voor Uw-topia. We spraken over richting, over verantwoordelijkheid, over bouwen aan iets dat groter is dan onszelf en dat blijft staan wanneer wij allang weer verder zijn gelopen. Later die middag zat ik aan een andere tafel. Op school. Naast mijn jongste dochter.
Het was háár gesprek, zij nam het woord. Zij legde uit waar ze staat, waar ze naartoe wil en wat ze daarvoor nodig heeft. Ze had nagedacht over haar voorstel. Het was helder opgebouwd. Ze vroeg niet om gemak, ze vroeg om ruimte om dit jaar nog te halen wat ze voor ogen heeft. Ze sprak met een rust die me even deed vergeten dat ik naar mijn dochter keek. Ik zag geen kind dat toestemming zocht, ik zag een jonge vrouw die verantwoordelijkheid nam voor haar eigen pad.
Daar, in dat klaslokaal, gebeurde precies wat Klein Orkest bezingt. Jong zijn is uitproberen, leren balanceren, vallen en verder gaan. Ik zag haar aan de rand van haar eigen zandbak staan. Niet langer tevreden met alleen spelen in luchtkastelen, wel bereid om te onderzoeken hoe ze haar dromen concreet kan maken. Wat was (en ben) ik trots. Niet alleen om wat ze wilde bereiken, vooral om de manier waarop ze het aanpakte.
Toen ik ’s avonds thuis kwam en Spotify aanzette, belandde ik bij Harry Jekkers en zijn stem. Wie Jonas kent, weet hoe Den Haag door zijn aderen stroomt. Zijn ouders, zijn grootouders, de stad, de verhalen. Dankzij hem heb ik Klein Orkest herontdekt. En daar klonk het refrein van 26.000 dagen:
Je hebt zo’n 26.000 dagen tussen niets en eeuwigheid.
Zesentwintigduizend dagen. Ongeveer een mensenleven (al is het gemiddeld flink gestegen in de tussentijd, volgens mij). Het klinkt bijna nuchter, bijna als een rekensom. Tegelijkertijd omvat het alles wat we krijgen. Alles wat we mogen invullen. Alles wat onherroepelijk verdwijnt zodra de dag voorbij is.
Je kunt lachen, je kunt klagen, elke dag ben je voor eeuwig kwijt.
Die zin sloot naadloos aan bij wat ik eerder schreef in Laat je niet vangen door de tijd. Tijd wacht niet, ze versnelt niet voor ons geluk en vertraagt ook niet voor ons verdriet. De mooie uren lijken echter te vliegen, de moeilijke rekken zich ondraaglijk uit tot voorbij hun eigen grens. De klok tikt toch in hetzelfde ritme, ongeacht onze beleving. Wat geweest is, ligt vast. Wat komt, is nog onaanraakbaar. Alleen dit moment leeft. En zodra het voorbij is, wordt het geschiedenis.
Vanmiddag zag ik hoe zo’n moment geschiedenis werd terwijl het nog plaatsvond. Zij die haar woorden zorgvuldig koos. De docent die luisterde. De stilte waarin haar voorstel landde. Dat gesprek komt nooit meer terug in precies die vorm. Het is voor eeuwig voorbij. Tegelijkertijd blijft het. Het nestelt zich in mij als vader. Het vormt haar als jonge vrouw. Het wordt onderdeel van onze gezamenlijke geschiedenis.
Het lied van Jekkers beweegt langs kinderjaren, volwassenheid, ouderdom. Het beschrijft de neiging om evenwichtig te willen lijken, niets te laten blijken, geen traan. Twijfel blijft bestaan. En dan klinkt er ineens speelsheid door: je kunt ook voor de lol nog een keer op je kop gaan staan. Alsof hij ons eraan herinnert dat ernst en lichtheid samen mogen optrekken. Dat verantwoordelijkheid niet betekent dat je je verwondering moet inleveren.
Deze dag kwamen al die lijnen samen. Een gesprek over de toekomst van onderwijs. Een dochter die haar eigen toekomst actief vormgeeft. Een lied dat het leven terugbrengt tot een eenvoudig getal en een heldere waarheid.
Zesentwintigduizend dagen tussen niets en eeuwigheid.
Dat getal is geen waarschuwing,het is eerder een uitnodiging. Een uitnodiging om aanwezig te zijn wanneer je kind spreekt. Om aandachtig te luisteren wanneer een compagnon droomt. Om te beseffen dat elke dag die voorbijgaat definitief is en juist daarom betekenis draagt.
Vandaag is voor eeuwig kwijt.
En precies daarom zal ik deze dag nooit vergeten.