Wat begon als een simpele vraag onder een post van Ellen de Bruin — “Waarom noemen we dit femicide? Moord is toch moord?” — leidde tot een intens en waardevol gesprek met uiteenlopende perspectieven. Vanuit mijn overtuiging dat elk geweld even ernstig is en elk leven telt, stelde ik vragen bij het publiekelijk benadrukken van de term als Femicide. Anderen wezen mij op het belang van zichtbaarheid, patronen en erkenning van structureel onrecht.
In deze samenvatting probeer ik het gesprek samen te vatten. Niet om gelijk te krijgen, maar om de nuance zichtbaar te maken. En hopelijk ook om met elkaar beter te begrijpen hoe we geweld werkelijk kunnen tegengaan — preventief, inclusief en met oog voor het grotere geheel.
Samenvatting van de discussie over het publiek benoemen van Femicide.
1. Hoe zit het met onze standpunten? Voor volgordelijkheid van het gesprek is het duideijker als ik met mijn eigen standpunten begin.
Mijn standpunten:
- Elke moord is moord en verdient gelijke veroordeling.
- Specifieke termen zoals femicide zijn niet nodig in het publieke domein.
- Duiding is wel nuttig voor onderzoek en beleid, maar niet voor media en publieke opinie.
- De focus moet liggen op het voorkomen van moorden, niet op de benaming achteraf.
- Hij waarschuwt dat specifieke termen kunnen afleiden van het bredere probleem van geweld.
Reacties van o.a. Ellen de Bruin, Lisa Loeb en anderen:
- Femicide is een specifieke, structurele vorm van geweld tegen vrouwen.
- De term maakt patronen zichtbaar die anders onderbelicht blijven.
- Benoeming is nodig voor erkenning, bewustwording en beleidsvorming.
- Zonder publieke duiding blijft het probleem onzichtbaar.
- Femicide is voorspelbaar geweld en moet als zodanig herkend en benoemd worden.
2. Wat gaat er mis in ons wederzijds begrip?
- Ik redeneer vanuit preventie en systeemlogica; mijn gesprekspartners vanuit erkenning en maatschappelijke bewustwording.
- Er is een verschil tussen een universeel ethisch standpunt (alle moorden zijn erg) en een sociaal structureel standpunt (sommige moorden zijn onderdeel van patronen).
- Er ontstaat helaas miscommunicatie doordat vragen van mij als ontkenning of veralgemenisering, drogredenering en dergelijke worden geïnterpreteerd/benoemd.
3. Maar wie heeft er uiteindelijk gelijk?
- Ik denk dat we beiden deels gelijk hebben, maar vanuit verschillende perspectieven:
- Mijn gesprekspartners hebben gelijk dat zonder publieke benoeming er geen zichtbaarheid en maatschappelijke urgentie kan komen.
- Ik vind dat ik gelijk heb dat benoemen alleen niet voldoende (en publiekelijk niet per see noodzakelijk) is en dat preventie cruciaal is en dat dit vooral op de achtergrond plaats vind.
- De sterkste positie is de combinatie van beiden: publiek benoemen én inzetten op structurele preventie.
4. Kan ik verdedigen dat de publieke stellingname afleidt van het grotere probleem?
Ja, onder bepaalde voorwaarden:
- Als de publieke discussie verzandt in symboliek en verontwaardiging zonder concrete actie, kan het afleiden.
- Als andere vormen van geweld onzichtbaar blijven door de focus op één type moord, kan dat problematisch zijn.
- Maar dit gebeurt alleen wanneer de term niet wordt verbonden aan beleid en actie.
Kortom: ja, het is verdedigbaar, maar alleen als het gebruik van de term femicide niet gekoppeld wordt aan structurele aanpak.
5. Is het echter verdedigbaar dat het publiekelijk maken van het type moord wel degelijk belangrijk is?
Zeker:
- Zonder benoeming geen bewustwording.
- Zonder zichtbaarheid geen druk op beleid.
- Zonder publieke erkenning blijft gendergerelateerd geweld onder de radar.
Femicide publiekelijk benoemen is essentieel voor:
- Maatschappelijke verandering
- Erkenning van patronen
- Juridische, statistische en preventieve ontwikkelingen
Samenvattende conclusie:
Ik (h)erken dat er geldige redenen zijn om femicide te duiden binnen onderzoek en beleid, maar stel kritische vragen bij het nut van publieke labeling, uit zorg dat het onderscheidende benoemen de maatschappelijke aandacht versmalt en afleidt van een bredere preventieve aanpak van geweld.
Echter beide perspectieven kunnen elkaar en horen elkaar te versterken — mits ze niet als strijd, maar als aanvulling worden gezien.
Het benoemen van femicide is van grote waarde voor inzicht, beleid en statistiek en voor erkeninning en aandacht vanuit de maatschappij. Maar het publiekelijk uitlichten van één specifieke vorm van moord kán de aandacht afleiden van het bredere probleem van geweld in onze samenleving — een probleem dat zich uit in vele vormen, fysiek én verbaal, en op elk niveau van de maatschappij (tot in de politiek aan toe). Wie geweld structureel wil voorkomen, doet er goed aan het integraal en inclusief te benaderen in het publieke domein, en specifieke duiding vooral in te zetten binnen professionele en beleidsmatige kaders.
Slot zin:
Laten we elkaar altijd opzoeken in debat, vooral als duidelijk is dat we eigenlijk en in essentie aan dezelfde kant staan. Laten we persoonlijke aanvallen en aannames achterwege laten. Zij versterken het debat niet, maar vertroebelen de standpunten alleen maar.