Terugblikken horen eigenlijk bij december.
Bij donkere dagen, lijstjes, jaaroverzichten en de bekende vraag wat een jaar uiteindelijk heeft betekend. Mei voelt daarvoor veel te vroeg, het jaar is immers nog niet eens halverwege. Veel verhalen zijn nog in beweging. Veel ontwikkelingen hebben hun uiteindelijke vorm nog niet gevonden. Toch bracht een toevallige podcast mij ineens terug naar precies een jaar geleden. Niet alleen als terugblik maar ook als een voorzichtige vooruitblik.
Een aflevering van “Thuis in Apeldoorn”, gemaakt door een oude buurjongen van mij. Een jeugdvriend. Iemand waarmee ik ooit buiten speelde in een tijd waarin de wereld nog overzichtelijk leek en niemand zich afvroeg hoe de samenleving er tien of twintig jaar later uit zou zien. Tijdens het luisteren gebeurde iets wat ik vooraf niet had verwacht. Ineens hoorde ik mijn eigen verhaal voorbijkomen. Mijn verhaal over het Pieterpad. En terwijl ik luisterde, realiseerde ik mij hoeveel er eigenlijk veranderd is sinds dat moment waarop het idee van dat pad langzaam begon te ontstaan.
Want het begon niet met wandelen, het begon vooral met onrust.
Een gevoel dat de toon in de samenleving langzaam veranderde. Gesprekken werden harder. Politieke discussies veranderden steeds vaker in kampen die tegenover elkaar kwamen te staan. Nuance leek terrein te verliezen aan slogans, wantrouwen en boosheid. Dat bleef niet beperkt tot televisie of sociale media. Ik hoorde die zorgen ook terug bij mijn kinderen. Juist dat raakte mij diep. Niet vanuit politiek oogpunt, eerder vanuit de vraag in wat voor samenleving jonge mensen vandaag opgroeien.
Want uiteindelijk wil iedere ouder dat kinderen blijven geloven in de goedheid van mensen.
Juist daardoor kreeg het idee van het Pieterpad langzaam een andere betekenis. In eerste instantie leek het gewoon een wandeling door Nederland. Een route van noord naar zuid. Een manier om letterlijk in beweging te komen. Een uitdaging, aansluitend op een wandeling van zuid Nederland naar Clerveaux in Luxemburg die ik op de MAVO twee maal deed. Pas later begon ik te begrijpen dat die tocht voor mij iets heel anders vertegenwoordigde. Ik wilde opnieuw zien wie wij eigenlijk zijn wanneer alle politieke ruis wegvalt. En ik wilde laten zien dat ‘wij’ beter zijn dan het nieuws. Menselijker zijn dan het lijkt.
Niet via peilingen.
Niet via algoritmes.
Gewoon door mensen te ontmoeten.
En onderweg gebeurde precies dat. Ik ontmoette mensen die wat te drinken aanboden aan een onbekende wandelaar. Mensen die eten of drinken deelden zonder daar iets tegenover te zetten. Mensen die spontaan een slaapplek aanboden wanneer een overnachting ingewikkeld werd. Mensen die hun huis openden zonder eerst te vragen naar afkomst, religie of politieke voorkeur. Juist die ontmoetingen bleven hangen.
Niet vanwege grootse gebaren, eerder vanwege hun vanzelfsprekendheid. Dat viel mij steeds sterker op tijdens het wandelen. De samenleving die online zichtbaar wordt, lijkt steeds harder te worden. De samenleving die je onderweg tegenkomt, voelt vaak opvallend menselijk. Dit wilde ik laten zien, dit wilde ik zichtbaar maken. Maar die tegenstelling hield en houdt mij bezig. Nog steeds!
Want tegelijkertijd zie ik ook hoe de politieke verharding verder groeit. Protesten tegen asielzoekerscentra worden feller. Wantrouwen richting instituties groeit. Populistische slogans winnen terrein doordat complexe problemen steeds vaker worden teruggebracht tot simpele vijandbeelden. Dat proces raakt uiteindelijk ook onderwijs, journalistiek en leiderschap.
Onderwijs hoort jonge mensen te leren hoe je nadenkt. Populisme leert vooral wie je de schuld moet geven. Goed leiderschap probeert verantwoordelijkheid te nemen voor ingewikkelde keuzes. Polarisatie beloont juist degene die het hardst roept. Journalistiek hoort ruimte te bieden aan nuance en context, terwijl sociale media steeds vaker functioneren als versnellers van emotie.
Juist daarom denk ik dat menselijkheid vandaag geen zachte eigenschap meer is. Menselijkheid vraagt moed! Ik word geregeld bedreigd door en voor mijn boodschap van menselijkheid en mijn optreden tegen extreem en radicaal rechts.
Waar de maatschappij eigenlijk rust vraagt in een tijd die voortdurend op zoek lijkt naar ophef. Het vraagt bereidheid om te luisteren terwijl iedereen tegelijk praat. Het vraagt het vermogen om iemand als mens te blijven zien, ook wanneer meningen botsen. Dat inzicht groeide langzaam tijdens het afgelopen jaar.
Vanaf 1 augustus begon ik dagelijks te schrijven. Eerst vooral over het wandelen zelf. Over ontmoetingen onderweg. Over stilte. Over gedachten die tijdens lange afstanden langzaam helder worden. Later begonnen die verhalen zich te verbreden.
Reflecties over coaching ontstonden. Verhalen over leiderschap, onderwijs, samenleving en politiek kregen steeds meer ruimte. Niet vanuit een uitgewerkt plan. Het groeide organisch vanuit dezelfde zoektocht die ooit begon bij het Pieterpad.
De zoektocht naar wat mensen met elkaar verbindt in een tijd waarin verdeeldheid steeds zichtbaarder wordt. Achteraf zie ik dat het wandelen uiteindelijk veel meer in beweging heeft gezet dan ik vooraf had kunnen bedenken. Zonder het Pieterpad was er waarschijnlijk nooit een dagelijkse schrijfroutine ontstaan. Veel gesprekken waren nooit gevoerd. Veel inzichten hadden nooit dezelfde diepgang gekregen. Sommige ideeën waren waarschijnlijk blijven hangen als losse gedachten zonder richting.
En ergens onderweg (in dit jaar) ontstonden ook de eerste contouren van iets nieuws.

HEVtig! Dus,….
Walking for Humanity ontstond vooral vanuit verbinding. Vanuit het verlangen om zichtbaar te maken hoeveel menselijkheid nog altijd bestaat tussen mensen. Hevtig ontstond vanuit een andere noodzaak. Omdat ik zie hoe de verharding groeit en zie hoe haat en desinformatie steeds normaler lijken te worden. Omdat ik denk dat de grote zwijgende meerderheid die nog altijd gelooft in empathie, democratie en menselijkheid zichtbaarder moet worden.
Niet door harder te schreeuwen.
Wel door duidelijker op te staan.
Dat vraagt geen radicalisering aan de andere kant. Het vraagt volwassen verzet tegen ontmenselijking. Verzet tegen het idee dat hardheid hetzelfde is als kracht. Verzet tegen de gedachte dat verdeeldheid vanzelfsprekend zou zijn.
Juist het afgelopen jaar heeft mij geleerd dat achter alle rumoer nog steeds ontzettend veel mensen leven die bereid zijn elkaar te helpen. Die werkelijkheid verdient óók een stem. Daarover binnenkort meer.