Wat Anis Jadib schrijft raakt me diep: zelfs wanneer we iemand tot in onze vezels tegenspreken, rechtvaardigt dat nooit agressie—laat staan het nemen van een leven. Niet de woede, niet de walging, niet de diepte van onze meningsverschillen. Als we online gaan juichen om de dood van een ander, verliezen we iets van onze eigen menselijkheid. Zijn kernboodschap is pijnlijk helder: “haat is niet de weg,” elke ziel is kostbaar, en geweld kan nooit de uitkomst zijn.
Daar sluit ik me volledig bij aan. We moeten terug naar menselijkheid als uitgangspunt: bruggen slaan over onze verschillen heen, elkaar weer zien als mensen en samen zoeken naar oplossingen die niemand uitsluiten. Broederschap en compassie zijn geen soft opties, maar de harde voorwaarden voor een samenleving die werkt. Laten we—zoals Anis oproept—het morele kompas resetten en kiezen voor uitkomsten die waardigheid centraal zetten, voor iedereen.
Dit ïs Anis zijn verhaal, maar ook mijn verhaal….
“Ik was het vaak hartstochtelijk oneens met Charlie Kirk.
Ik keek naar zijn debatten, ik luisterde naar zijn woorden, en vanbinnen kookte ik. Ik walgde van zijn opvattingen over wapens, over Gaza, over cultuur en macht. Hij provoceerde, hij verdeelde, hij leefde van de verontwaardiging.
En toch geen van dat alles rechtvaardigt dit.
Niet de woede, niet de walging, niet de diepte van onze meningsverschillen.
Niemand heeft het recht om het recht in eigen hand te nemen. Een leven te nemen.
Niet met agressie, niet met geweld, en absoluut niet met moord.
Hoezeer ik zijn ideeën ook verwierp, zijn dood is verkeerd. Altijd, zonder uitzondering.
En dan zie ik mensen online vieren… juichen om zijn dood. Wat is er met ons gebeurd, dat we kunnen juichen om een koelbloedige moord?
We zijn geworden wat we verachten. Dat een menselijke ziel zo goedkoop is geworden?
Dat het vreugde brengt wanneer die wordt ontnomen simpelweg omdat we het oneens waren, omdat we anders dachten, anders spraken, anders geloofden?
Ik deel mijn mening, ik spreek me uit, en dat heeft een prijs in je gemeenschap, onder vrienden, op je werk.
En ik ontvang liefde én haat terug. Maar geeft dat iemand het recht om mij te doden? Om wie dan ook te doden?
De wereld is ziek. We hebben hulp nodig. We hebben elkaar nodig. We hebben broederschap en compassie nodig.
In een wereld die wegzinkt in duisternis, met leiders die onrecht omarmen, ligt het aan ons de mensen om het verschil te maken.
Haat is niet de weg. En moord kan nooit, maar dan ook nooit, gerechtvaardigd worden.
Aan de kinderen die wakker worden zonder vader, aan de vrouw die wakker wordt zonder echtgenoot, aan de ouders die hun zoon verloren..
moge Charlie’s dood de mensheid dichter bij elkaar brengen.
Moge zijn dood compassie en liefde opnieuw doen ontvlammen.
En moge jullie geduld en kracht gegeven worden om dit verlies te dragen.
En laat ons nooit vergeten, elke ziel, waar dan ook, is kostbaar en van onschatbare waarde voor onze Heer.
Dit is hoe ik het voel. Houd ervan of haat het. Het kan me niet schelen.“