Het overlijden van (mijn) koning Harald V

Noorwegen zit in mijn bloed.

Niet letterlijk natuurlijk. Ik ben er niet geboren en ik heb er nooit gewoond. Toch voelt die zin voor mij niet overdreven. Al vanaf mijn jeugd kom ik in Noorwegen. Anderhalf jaar geleden trok ik er zes maanden lang doorheen. Ik ken de eindeloze wegen, de bergen, de stilte, de fjorden, de kleine plaatsen en het bijzondere gevoel dat me iedere keer weer overvalt wanneer ik er ben. Noorwegen voelt voor mij als een tweede thuisland. Op sommige momenten zelfs als mijn eerste.

Daarom raakt het overlijden van koning Harald V mij meer dan ik vooraf had kunnen bedenken.

Ik heb hem nooit ontmoet. Ik kende hem zoals vrijwel iedereen buiten zijn directe omgeving hem kende: op afstand. Toch hoorde hij voor mij bij Noorwegen. Zoals de bergen, de fjorden, de rode houten huizen en de vlaggen die je overal ziet bij het land horen. Niet nadrukkelijk aanwezig, wel vanzelfsprekend onderdeel van het geheel.

Vandaag is die vanzelfsprekendheid verdwenen.

Harald was sinds 1991 koning van Noorwegen. Hij werd 89 jaar oud en was bij zijn overlijden de oudste regerende monarch van Europa. Meer dan vijfendertig jaar droeg hij de Noorse kroon, in een periode waarin Noorwegen veranderde en de wereld om het land heen minstens zo sterk veranderde.

Toch denk ik bij Harald nauwelijks aan een kroon.

Ik denk aan een man.

Dat is vermoedelijk een van de redenen waarom hij zo geliefd was. Harald leek te begrijpen dat het gezag van een moderne koning niet groter wordt door de afstand tot zijn bevolking. Zijn waardigheid zat juist vaak in zijn nabijheid.

Er is een verhaal over Harald dat me altijd is bijgebleven. Of het precies zo gebeurd is, heb ik nooit kunnen achterhalen. Het verhaal speelt tijdens de Olympische Winterspelen van Lillehammer in 1994. Harald en zijn familie zouden bij een wedstrijd niet op een afgeschermde koninklijke tribune hebben willen zitten en plaats hebben genomen tussen de gewone Noren. De verklaring die daarbij werd verteld, vind ik eigenlijk mooier dan de vraag of ieder detail historisch klopt. Die dag zat hij daar niet als koning. Hij zat daar als Noor, als supporter van de Noorse sporters.

Het is zo’n verhaal dat blijft hangen omdat het past bij de man.

Harald hield van sport. Niet uitsluitend vanuit een comfortabele stoel langs het veld. Hij was zelf olympisch zeiler en nam drie keer deel aan de Olympische Spelen. Hij werd wereldkampioen en bleef tot op hoge leeftijd wedstrijdzeilen. Op het water verdwijnt veel van wat mensen op het land van elkaar onderscheidt. Dezelfde wind, dezelfde golven en dezelfde natuur bepalen wat er gebeurt. Een titel verandert daar weinig aan.

Dat past wonderlijk goed bij het beeld dat ik van Harald heb.

Ook buiten de sport bestaan verhalen over een koning die zich gemakkelijk tussen andere mensen bewoog, ergens ging lunchen zonder dat de hele omgeving eerst veranderd hoefde te worden in een koninklijk decor en toegankelijk bleef in een functie die bijna vanzelf tot afstand uitnodigt.

Het bijzondere is dat die gewoonheid zijn koningschap niet kleiner maakte. Zij gaf het juist betekenis.

Zijn levensverhaal met Sonja vertelt iets soortgelijks.

Sonja Haraldsen was geen prinses. Ze kwam niet uit een Europees vorstenhuis en paste daarmee niet vanzelfsprekend in de verwachtingen die destijds rond een toekomstige Noorse koning bestonden. Harald hield van haar en wachtte jarenlang op toestemming om met haar te mogen trouwen. Uiteindelijk maakte hij duidelijk dat zijn keuze vaststond. Als hij niet met Sonja kon trouwen, zou hij helemaal niet trouwen.

Negen jaar duurde hun strijd voordat koning Olav toestemming gaf.

In 1968 trouwden Harald en Sonja.

Wanneer we zo’n verhaal vanuit onze eigen tijd bekijken, lijkt het bijna vreemd dat afkomst ooit voldoende reden kon zijn om twee mensen die van elkaar hielden uit elkaar te houden. Toch vertelt het iets wezenlijks over Harald. Lang voordat hij koning werd, koos hij in zijn eigen leven al voor iets wat later in zijn koningschap steeds terug zou keren: de menselijke werkelijkheid woog voor hem zwaar.

Dat werd op een heel andere manier zichtbaar op 22 juli 2011.

Noorwegen werd die dag getroffen door de aanslagen in Oslo en op Utøya. Zevenenzeventig mensen werden vermoord. Een klein land werd geconfronteerd met een vorm van geweld die nauwelijks te bevatten was.

Op zulke momenten krijgt koningschap een andere betekenis.

Een koning kan de doden niet terugbrengen. Hij kan het verdriet van ouders, partners, kinderen en vrienden niet wegnemen. Hij kan de geschiedenis niet ongedaan maken. Wat hij wel kan doen, is aanwezig zijn.

Harald was aanwezig.

Zijn verdriet was zichtbaar. Zijn tranen waren zichtbaar. Toen hij later de bevolking toesprak, sprak hij niet uitsluitend vanuit zijn functie. Hij sprak ook als vader en grootvader.

Juist daarin kan leiderschap iets menselijks krijgen.

Wij zijn gewend leiders te beoordelen op woorden, besluiten, macht en resultaten. Toch bestaan momenten waarop een samenleving iets anders nodig heeft. Geen grote verklaring die alles oplost, want sommige gebeurtenissen laten zich niet oplossen. Dan kan aanwezigheid voldoende zijn. Naast mensen staan. Hun verdriet erkennen. Laten voelen dat rouw niet uitsluitend individueel hoeft te worden gedragen.

Harald begreep dat.

Enkele jaren later liet hij opnieuw zien hoe hij naar zijn land keek.

In 2016 hield hij een toespraak waarin hij probeerde te omschrijven wie de Noren eigenlijk zijn. Hij sprak over mensen uit het noorden, midden en zuiden van het land, over immigranten uit Afghanistan, Pakistan, Polen, Somalië en Syrië, over meisjes die van meisjes houden, jongens die van jongens houden en mensen die van elkaar houden. Hij sprak over Noren die geloven in God, Allah, het universum of helemaal nergens in.

Uiteindelijk vatte hij het samen in een paar eenvoudige woorden:

“Norge er dere. Norge er oss.”

Noorwegen zijn jullie. Noorwegen zijn wij.

Ik vind dat nog steeds indrukwekkende woorden uit de mond van een koning.

Een monarchie is uiteindelijk gebouwd op afkomst. Je wordt geen koning doordat een bevolking na een sollicitatieprocedure concludeert dat jij de beste kandidaat bent. Je wordt geboren in een familie en door die geboorte ligt een uitzonderlijke positie voor je klaar.

Juist een man uit zo’n instituut zei tegen zijn bevolking dat het behoren tot Noorwegen niet afhankelijk was van afkomst, religie, geaardheid of de plaats waar je wieg had gestaan.

Noorwegen zijn wij.

Daarmee vertelde Harald volgens mij iets over het Noorwegen dat hij wilde vertegenwoordigen. Een land hoeft zijn identiteit niet te verliezen wanneer het ruimte maakt voor mensen die anders zijn. Een samenleving wordt niet vanzelf zwakker doordat verschillende levensverhalen elkaar ontmoeten. Gemeenschappelijkheid ontstaat ook doordat mensen besluiten dat ze bij elkaar horen.

Dat idee raakt aan wat ik zelf zo mooi vind aan Noorwegen.

Mijn liefde voor het land gaat natuurlijk over de natuur. Wie ooit aan een fjord heeft gestaan terwijl het licht langzaam verandert, begrijpt hoe overweldigend die schoonheid kan zijn. Wie uren over een Noorse weg heeft gereden en nauwelijks iemand tegenkomt, kent de ruimte en stilte.

Toch is een land uiteindelijk meer dan zijn landschap.

Het zijn de mensen, de omgang met elkaar, de verhalen, de geschiedenis en de manier waarop een samenleving probeert vorm te geven aan iets wat groter is dan het individuele leven.

Daar hoorde Harald bij.

Zijn grootvader Haakon VII werd verbonden met het Noorse verzet tegen de Duitse bezetting. Zijn vader Olav V kreeg de bijnaam folkekongen, de volkskoning. Harald erfde die geschiedenis en moest zijn eigen manier vinden om koning te zijn in een veel moderner Noorwegen.

Hij deed dat zonder voortdurend te proberen groter te lijken dan het land dat hij vertegenwoordigde.

Dat is een bijzondere vorm van leiderschap.

Macht nodigt gemakkelijk uit tot afstand. Een functie kan langzaam belangrijker worden dan de mens die haar vervult. Status kan ervoor zorgen dat iemand vooral nog mensen ontmoet die zich bewust zijn van die status. Wie lang genoeg bovenaan staat, loopt het risico te vergeten hoe het beneden voelt.

Harald leek zijn hele leven te beseffen dat een kroon uiteindelijk alleen betekenis heeft zolang de mensen eronder nog worden gezien.

Daarom vind ik dat verhaal uit Lillehammer zo mooi, ook wanneer ik niet kan bewijzen dat ieder detail ervan klopt.

Ik zie het voor me.

Een koning tussen zijn landgenoten. Geen bijzondere plaats nodig. Geen afstand die voortdurend zichtbaar moet maken wie hier belangrijker is. Gewoon kijken naar sport, hopen dat een Noor wint, juichen wanneer het goed gaat en teleurgesteld zijn wanneer het tegenvalt.

Op dat moment geen koning die naar zijn volk kijkt.

Gewoon een Noor tussen de Noren.

Vandaag is Harald er niet meer.

Zijn zoon Haakon neemt zijn plaats in en Noorwegen gaat verder, zoals landen altijd verdergaan. Een nieuwe koning, een nieuwe periode en uiteindelijk nieuwe verhalen die onderdeel worden van de geschiedenis van het land.

Toch verdwijnt met Harald iets wat lange tijd vanzelfsprekend leek.

Voor mij verdwijnt ook iemand die hoorde bij het Noorwegen waarvan ik ben gaan houden. Dat klinkt mogelijk vreemd wanneer je over iemand schrijft die je nooit persoonlijk hebt ontmoet. Verdriet houdt zich alleen zelden aan zulke grenzen. We kunnen geraakt worden door het overlijden van iemand omdat die persoon verbonden is geraakt met iets wat voor ons betekenis heeft.

Harald was voor mij zo iemand.

Wanneer ik aan Noorwegen denk, denk ik aan bergen, fjorden, lange wegen, stilte, sneeuw, houten huizen, vlaggen, ontmoetingen en herinneringen die inmiddels een deel van mijn eigen leven zijn geworden.

En ergens tussen al die beelden stond altijd die vriendelijke oudere man die koning was en die nooit voortdurend leek te hoeven bewijzen dat hij dat was.

Een kroon maakt iemand koning.

De manier waarop iemand tussen mensen staat, vertelt uiteindelijk veel meer over wie hij is.

Vaarwel, koning Harald.

Dank u voor de manier waarop u bij Noorwegen hoorde.

En daarmee ook een klein beetje bij mijn Noorwegen.

Noorwegen zijn jullie. Noorwegen zijn wij.

Vandaag voelt dat laatste woord heel even anders.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.