AI gaat de mens vervangen

Je kunt tegenwoordig nauwelijks een gesprek voeren over de toekomst zonder dat kunstmatige intelligentie, oftewel AI, ter sprake komt. ChatGPT, Claude en allerlei andere toepassingen zijn in korte tijd onderdeel geworden van ons dagelijks leven. Bedrijven gebruiken AI om efficiënter te werken, studenten om hun opdrachten te maken en politici om hun communicatie vorm te geven. Ook in de politieke communicatie van onze premier Rob Jetten speelt AI een rol. De technologie ontwikkelt zich razendsnel en vrijwel dagelijks verschijnen nieuwe mogelijkheden die enkele jaren geleden nog nauwelijks voorstelbaar waren.

Tegelijkertijd klinkt steeds vaker de waarschuwing dat AI uiteindelijk de mens zal vervangen. Onze banen zouden verdwijnen, computers zouden slimmer worden dan wij en uiteindelijk zouden we onszelf overbodig maken. Het is een gedachte die begrijpelijkerwijs onzekerheid oproept. Toch vraag ik me af of we met die uitspraak niet twee wezenlijk verschillende zaken door elkaar halen. Want wat bedoelen we eigenlijk wanneer we zeggen dat AI de mens gaat vervangen?

Wat AI van ons kan overnemen

Laten we beginnen met te erkennen dat AI onze samenleving al ingrijpend heeft veranderd en de komende jaren nog verder zal veranderen. Werkzaamheden die jarenlang door mensen werden uitgevoerd, kunnen tegenwoordig geheel of gedeeltelijk door computers worden overgenomen. Administratieve processen worden geautomatiseerd, ingewikkelde berekeningen worden in enkele seconden uitgevoerd en teksten die vroeger uren schrijfwerk vergden, verschijnen vrijwel onmiddellijk op het scherm.

Dat heeft gevolgen. Sommige beroepen zullen veranderen en andere zullen mogelijk verdwijnen. Voor mensen die daardoor hun werk verliezen, is technologische vooruitgang niet vanzelfsprekend iets om enthousiast over te zijn. We moeten die gevolgen serieus nemen en ervoor zorgen dat mensen kunnen meegroeien met de veranderingen die op ons afkomen.

Tegelijkertijd is technologische ontwikkeling niets nieuws. De industriële revolutie veranderde de manier waarop mensen werkten, computers namen een groot deel van het administratieve werk over en internet veranderde onze toegang tot informatie. Iedere ontwikkeling bracht nieuwe mogelijkheden en nieuwe uitdagingen met zich mee. AI lijkt die veranderingen in een ongekend tempo voort te zetten.

Toch zit voor mij een wezenlijk verschil tussen het vervangen van menselijke werkzaamheden en het vervangen van de mens zelf.

Intelligentie is nog geen geweten

AI kan inmiddels indrukwekkend redeneren. Het kan informatie analyseren, verbanden ontdekken en oplossingen voorstellen voor ingewikkelde vraagstukken. Op bepaalde terreinen kan het zelfs beter presteren dan mensen. Toch geloof ik niet dat AI ooit werkelijk zal kunnen denken zoals wij dat doen.

Die overtuiging heeft voor mij alles te maken met ons geweten.

Mensen nemen beslissingen op basis van veel meer dan kennis, feiten en logische redeneringen. Onze ervaringen, emoties, relaties en persoonlijke overtuigingen spelen voortdurend een rol. We voelen aan dat iets niet klopt, zelfs wanneer we nauwelijks kunnen uitleggen waarom. We kennen allemaal dat onderbuikgevoel dat ons waarschuwt of juist aanmoedigt om een bepaalde keuze te maken.

Stel je voor dat je iemand op straat ziet vallen. Je hebt haast, niemand verwacht dat je stopt en rationeel gezien zou je eenvoudig kunnen doorlopen. Toch besluit je te helpen, omdat iets diep vanbinnen je vertelt dat je die ander niet kunt laten liggen. Je voelt medeleven en verantwoordelijkheid voor iemand die je waarschijnlijk nooit eerder hebt ontmoet.

AI kan uitstekend uitleggen waarom helpen in zo’n situatie moreel juist is. Het kan ethische theorieën toepassen en argumenten aandragen die jouw beslissing ondersteunen. De vraag is of AI ooit daadwerkelijk kan ervaren wat jij op dat moment voelt.

Wetenschappelijk weten we nog onvoldoende over bewustzijn om definitief vast te stellen wat toekomstige kunstmatige intelligentie wel of niet zal kunnen ervaren. Toch geloof ik dat ons geweten, gevormd door alles wat we meemaken en voelen, iets wezenlijk menselijks is dat niet eenvoudig in algoritmes kan worden gevangen.

Voor mij bestaat een mens uit veel meer dan de optelsom van zijn kennis en vaardigheden. We hebben herinneringen, kennen verdriet en vreugde, ontwikkelen relaties en dragen ervaringen met ons mee die bepalen wie we zijn. Die menselijke binnenwereld maakt ons tot wie we zijn.

En juist daarom geloof ik niet dat AI de mens werkelijk zal vervangen.

Wanneer we zelf ophouden met nadenken

Er is echter een ontwikkeling die mij meer bezighoudt dan de vraag hoe intelligent AI uiteindelijk zal worden. Wat gebeurt er namelijk met ons eigen denkvermogen wanneer we steeds meer denkwerk aan technologie overlaten?

We kunnen AI gebruiken om ingewikkelde vraagstukken beter te begrijpen. Het kan ons helpen informatie te ordenen, verschillende perspectieven te onderzoeken en verbanden te ontdekken die we zelf over het hoofd zagen. Daarmee kan AI ons denken versterken.

Hetzelfde systeem kan ook een volledig antwoord produceren dat we vervolgens zonder verdere controle overnemen. We beschikken dan over een oplossing zonder noodzakelijkerwijs te begrijpen hoe die tot stand is gekomen.

Dat verschil vind ik belangrijk.

In het onderwijs wordt die vraag steeds actueler. In Zweden is de afgelopen jaren opnieuw meer aandacht gekomen voor gedrukte schoolboeken, lezen op papier en traditionele basisvaardigheden. Die ontwikkeling hangt onder andere samen met zorgen over digitalisering en teruglopende leerprestaties. Daarmee is niet bewezen dat technologie de oorzaak van die achteruitgang is, hoewel het wel aanleiding geeft om kritisch te kijken naar de manier waarop digitale hulpmiddelen worden ingezet.

Een leerling die AI gebruikt om moeilijke lesstof beter te begrijpen, kan daar veel van leren. Een leerling die zijn volledige huiswerk door AI laat maken, loopt het risico dat het leerproces grotendeels aan hem voorbijgaat.

Daar zit overigens een interessante afzonderlijke onderwijsblog in, want de vraag wat technologie met ons leervermogen doet, verdient veel meer aandacht dan ik er hier aan kan geven.

Voor deze Mythbuster is vooral belangrijk dat we ons realiseren dat gemak niet automatisch hetzelfde is als vooruitgang. Wanneer technologie steeds meer voor ons kan doen, moeten we blijven nadenken over welke vaardigheden we zelf willen ontwikkelen en behouden.

Mijn eigen samenwerking met AI

Ik gebruik AI zelf behoorlijk intensief. Sterker nog, een groot deel van mijn blogs komt met behulp van AI tot stand. Daar heb ik eerder ook al eens over geschreven.

Meestal begint een blog met gedachten die door mijn hoofd gaan. Ik spreek die in, waarbij ik regelmatig van het ene onderwerp naar het andere spring, mezelf corrigeer en onderweg nieuwe verbanden ontdek. Wie mij een beetje kent, weet dat mijn gedachten zich niet altijd keurig aan een vooraf bedachte structuur houden.

AI helpt mij vervolgens om die gedachten te ordenen en er een samenhangend verhaal van te maken.

Daarmee is de blog overigens nog lang niet klaar.

Ik lees de tekst terug, geef feedback, laat passages aanpassen en lees opnieuw. Dat proces herhaalt zich regelmatig meerdere keren, totdat het verhaal daadwerkelijk weergeeft wat ik bedoel en hoe ik ergens over denk. Wanneer AI een conclusie trekt die niet bij mijn overtuiging past, verander ik die. Wanneer een formulering te absoluut is, breng ik nuance aan. En wanneer mijn oorspronkelijke gedachte onvoldoende tot zijn recht komt, zoeken we samen naar een betere manier om die onder woorden te brengen.

Uiteindelijk moet ik iedere gedachte in mijn blog kunnen begrijpen, onderschrijven en verdedigen.

AI helpt mij om mijn gedachten toegankelijker te maken voor anderen. De verantwoordelijkheid voor wat ik publiceer, blijft bij mij.

Dat roept overigens een interessante filosofische vraag op: wanneer is een gedachte eigenlijk van jou? Moet je iedere zin zelf hebben bedacht, of wordt een gedachte ook van jou wanneer je haar begrijpt, onderschrijft en er verantwoordelijkheid voor neemt? Dat onderwerp verdient wat mij betreft een eigen blog.

Wie blijft verantwoordelijk?

Mijn manier van werken met AI brengt mij bij een bredere maatschappelijke vraag. Want wanneer we AI steeds vaker gebruiken om informatie te verwerken, beslissingen voor te bereiden en boodschappen te formuleren, wie blijft dan verantwoordelijk voor het resultaat?

Een politicus kan AI gebruiken om een ingewikkeld standpunt begrijpelijker te verwoorden. Daar hoeft op zichzelf niets mis mee te zijn. Het wordt ingewikkelder wanneer iemand een volledig gegenereerde tekst publiceert zonder goed te begrijpen wat erin staat.

Dat geldt overigens net zo goed voor een ondernemer, een journalist of iemand die een bericht op sociale media plaatst.

Een overtuigend geformuleerde tekst is niet automatisch juist. Een berekening die er indrukwekkend uitziet, kan fouten bevatten. Een advies kan logisch klinken en tegelijkertijd onvoldoende rekening houden met de omstandigheden waarin iemand verkeert.

Daarom moeten we kritisch blijven kijken naar wat AI ons voorschotelt.

Bij ingewikkelde toepassingen, bijvoorbeeld in de gezondheidszorg of bij geautomatiseerde besluitvorming, ligt die verantwoordelijkheid uiteraard niet uitsluitend bij de individuele gebruiker. Ook ontwikkelaars, organisaties en toezichthouders hebben daarin een belangrijke rol.

De ontwikkeling van AI vraagt dus niet alleen om technologische kennis. Ze vraagt ook om kritisch denkvermogen, maatschappelijke afspraken en het besef dat we verantwoordelijk blijven voor de gevolgen van de keuzes die we zelf maken, samen met AI maken of door AI laten maken.

Wanneer beelden de waarheid verdringen

Er is nog een ontwikkeling die mij zorgen baart, juist omdat die laat zien hoe gemakkelijk AI ook verkeerd kan worden ingezet.

We zien steeds vaker politieke afbeeldingen en spotprenten die met behulp van AI worden gemaakt. Vooral in de communicatie vanuit extreemrechtse kringen zie ik voorbeelden waarbij ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken worden teruggebracht tot eenvoudige, emotioneel geladen beelden. Feiten worden uit hun context gehaald of er wordt een voorstelling van zaken gegeven die nauwelijks overeenkomt met de werkelijkheid.

Politieke satire hoort bij een democratische samenleving. Kritiek mag scherp zijn en een spotprent hoeft de werkelijkheid niet letterlijk weer te geven. Het wordt problematisch wanneer afbeeldingen bewust worden gebruikt om mensen te misleiden.

Dat gevaar beperkt zich overigens niet tot één politieke stroming. Iedereen die AI gebruikt om desinformatie te produceren, draagt bij aan hetzelfde probleem.

Wat AI hierin bijzonder maakt, is de snelheid en de schaal waarop dergelijke boodschappen kunnen worden gemaakt. Waar vroeger tijd, kennis en creatieve vaardigheden nodig waren om overtuigende afbeeldingen te produceren, kunnen tegenwoordig in korte tijd enorme hoeveelheden beelden worden gegenereerd.

Wanneer dat proces wordt geautomatiseerd, kan een vrijwel onafgebroken stroom van misleidende informatie ontstaan. En omdat beelden vaak sneller worden begrepen en gedeeld dan uitgebreide verklaringen, kunnen onwaarheden zich razendsnel verspreiden.

Daar ligt een verantwoordelijkheid bij degenen die dergelijke boodschappen maken en verspreiden. Tegelijkertijd vraagt het ook iets van ons als ontvangers.

Blijven we controleren wat we zien? Vragen we ons af waar informatie vandaan komt? Zijn we bereid verder te kijken dan een afbeelding die precies bevestigt wat we diep vanbinnen al voelden?

Want daar zit een belangrijk gevaar. Ons onderbuikgevoel kan ons helpen om situaties aan te voelen en keuzes te maken, terwijl datzelfde gevoel ons ook kan misleiden. Neem bijvoorbeeld de komst van een asielzoekerscentrum. Mensen kunnen zich daar oprecht onveilig bij voelen, zonder dat die angst noodzakelijk wordt ondersteund door feiten. Incidenten bij bepaalde opvanglocaties krijgen veel aandacht, terwijl het dagelijks leven rond andere locaties veel minder zichtbaar is. Wanneer vervolgens met AI gemaakte spotprenten en suggestieve beelden voortdurend op die bestaande gevoelens inspelen, kan angst langzaam veranderen in een overtuiging die nauwelijks nog aan de werkelijkheid wordt getoetst.

We gaan dan iets geloven omdat het aansluit bij wat we voelen, in plaats van dat we ons gevoel toetsen aan wat we weten. Juist daarin schuilt het gevaar van desinformatie. Niet alleen de feiten kunnen worden verdraaid, ook onze emoties kunnen bewust worden aangesproken om ons beeld van de werkelijkheid te beïnvloeden.

AI kan ons helpen beter geïnformeerd te raken. Dezelfde technologie kan worden gebruikt om ons op grote schaal te misleiden. Juist daarom wordt zelfstandig nadenken steeds belangrijker.

Technologie die ons menselijker kan maken

Bij alle zorgen over AI vergeten we gemakkelijk dat deze technologie ons ook iets waardevols kan teruggeven: Tijd. Wanneer een arts minder tijd hoeft te besteden aan administratieve werkzaamheden, ontstaat mogelijk meer ruimte voor aandacht voor patiënten. Wanneer een docent ondersteuning krijgt bij de voorbereiding van lessen, kan er meer tijd beschikbaar komen voor persoonlijke begeleiding. En wanneer een ondernemer minder tijd kwijt is aan ingewikkelde administratieve processen, kan hij zich meer richten op zijn medewerkers en klanten.

Dat zijn mogelijkheden die mij enthousiast maken. Of die vrijgekomen tijd daadwerkelijk wordt gebruikt om mensen meer aandacht te geven, hangt af van de keuzes die we maken. We kunnen dezelfde technologische vooruitgang immers ook gebruiken om de werkdruk verder te verhogen of uitsluitend kosten te besparen.

Daarmee komen we opnieuw bij onze menselijke verantwoordelijkheid. Technologie bepaalt niet zelfstandig welke samenleving wij willen zijn. Wij maken keuzes over hoe we haar inzetten, welke grenzen we stellen en welke waarden we belangrijk vinden. AI kan ons helpen om efficiënter te werken, beter geïnformeerd te zijn en ingewikkelde problemen op te lossen. Wanneer we die mogelijkheden verstandig gebruiken, kan dat bijdragen aan een samenleving waarin meer ruimte ontstaat voor aandacht, creativiteit en menselijke betrokkenheid.

Wie staat er uiteindelijk aan het roer?

De oorspronkelijke stelling was dat AI de mens gaat vervangen. Na alles wat we hebben besproken, denk ik dat die uitspraak vooral te eenvoudig is.

AI heeft onze samenleving al veranderd en zal dat blijven doen. Sommige ontwikkelingen zullen ons leven gemakkelijker maken, terwijl andere onzekerheid en nieuwe problemen met zich meebrengen. We zullen moeten leren omgaan met een technologie waarvan de mogelijkheden zich sneller ontwikkelen dan we enkele jaren geleden konden voorzien.

Toch geloof ik dat de mens meer is dan zijn vermogen om informatie te verwerken of problemen op te lossen. Ons geweten, onze emoties, onze ervaringen en de verantwoordelijkheid die we voor elkaar voelen, geven betekenis aan de keuzes die we maken.

Ik ben daarom niet vóór of tegen AI. Ik gebruik het zelf met veel plezier en zie hoeveel mogelijkheden het biedt. Tegelijkertijd vind ik dat we kritisch moeten blijven op wat we ermee doen en vooral op wat we bereid zijn eraan over te laten.

We hoeven niet iedere berekening zelf uit te voeren, iedere tekst zonder ondersteuning te schrijven of ieder ingewikkeld probleem volledig zelfstandig op te lossen. We moeten wel blijven begrijpen wat we doen, waarom we bepaalde keuzes maken en welke gevolgen die keuzes kunnen hebben.

Want uiteindelijk is dat voor mij de belangrijkste gedachte achter deze Mythbuster.

AI mag ons veel werk uit handen nemen, zolang we ons eigen oordeel niet uit handen geven.

Ik ben niet bang dat AI steeds meer kan. Ik maak me vooral zorgen over wat er gebeurt wanneer wij steeds minder zelf willen nadenken.

Want zolang wij zelf aan het roer blijven staan, kan AI een bijzonder waardevol hulpmiddel zijn. De vraag is of we voldoende aandacht blijven besteden aan onze eigen verantwoordelijkheid om die positie ook werkelijk te behouden.

En die keuze ligt voorlopig nog altijd bij ons.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.