Hoe diep durf je te twijfelen?

Stel je eens voor dat alle kennis die je in je leven hebt verzameld zich in een kubus bevindt. Alles wat je hebt geleerd, ervaren, gelezen en ontdekt, heeft ergens binnen die kubus een plek gekregen. De kubus groeit met je mee. Iedere nieuwe ervaring, ieder gesprek en ieder inzicht voegt iets toe aan wat je al weet. En terwijl je kennis groeit, gebeurt er iets bijzonders. De buitenkant van je kubus wordt steeds groter, waardoor ook het oppervlak waarmee jouw kennis grenst aan alles wat je nog niet weet, toeneemt.

Dat grensvlak fascineert mij. Het is de plek waar weten en niet-weten elkaar ontmoeten. Waar je ontdekt dat jouw kennis, hoe omvangrijk ook, altijd begrensd blijft. Je kunt een leven lang leren en uiteindelijk tot de ontdekking komen dat de wereld veel groter en ingewikkelder is dan je ooit had kunnen vermoeden. Hoe meer je weet, hoe meer je kunt ontdekken wat je allemaal nog niet weet. En precies op dat grensvlak ontstaat volgens mij wijsheid.

Onwetendheid is de bron van nieuwsgierigheid

Tijdens het nadenken over deze kenniskubus ontdekte ik dat mijn gedachte helemaal niet zo nieuw is. Ruim tweeduizend jaar geleden hield Socrates zich al bezig met de vraag wat wijsheid eigenlijk betekent. Hij kwam tot het inzicht dat mensen die overtuigd zijn van hun eigen kennis lang niet altijd begrijpen hoe beperkt die kennis kan zijn. Zijn wijsheid lag juist in het besef dat hij bepaalde dingen niet wist.

Eeuwen later beschreef de filosoof Nicolaus Cusanus iets vergelijkbaars. In zijn werk De docta ignorantia, over de geleerde onwetendheid, onderzocht hij hoe groeiende kennis kan samengaan met een steeds groter besef van onze beperkingen. Ook de psycholoog Paul Baltes en zijn collega’s kwamen in hun onderzoek naar wijsheid tot de conclusie dat het vermogen om met onzekerheid om te gaan een belangrijk onderdeel van wijsheid vormt.

Ik vind het bijzonder om te ontdekken dat denkers uit zulke verschillende tijden zich hebben beziggehouden met vragen die zo goed aansluiten bij mijn eenvoudige kubus. Tegelijkertijd helpt hun werk mij om mijn eigen gedachte verder te ontwikkelen. Want het besef dat je iets niet weet, maakt je nog niet automatisch wijs. Je kunt erkennen dat je kennis tekortschiet en vervolgens besluiten het daarbij te laten. Er moet iets gebeuren voordat onwetendheid werkelijk betekenis krijgt.

Onwetendheid is de bron van nieuwsgierigheid. Zodra je beseft dat er iets buiten jouw kennis ligt, ontstaat de mogelijkheid om op onderzoek uit te gaan. Je kunt vragen stellen, luisteren naar andere inzichten en proberen te begrijpen wat je nog niet begrijpt. Nieuwsgierigheid brengt je naar de grens van je eigen kennis en nodigt je uit om die grens te verleggen.

Daarmee kom ik bij een gedachte die voor mij steeds belangrijker wordt: wijsheid is een werkwoord.

Wijsheid is een werkwoord

We spreken over wijsheid vaak alsof het iets is wat iemand bezit. We noemen mensen wijs vanwege hun leeftijd, ervaring of kennis. Toch denk ik dat wijsheid veel minder te maken heeft met hoeveel iemand weet dan met wat iemand bereid is met die kennis te doen.

Je kunt ontzettend veel weten en tegelijkertijd nauwelijks bereid zijn iets nieuws toe te laten. Je kunt jarenlang studeren, boeken lezen en ervaringen verzamelen, terwijl je steeds opnieuw bevestiging zoekt voor wat je toch al dacht. Je kubus groeit dan voortdurend, terwijl de manier waarop je naar de wereld kijkt nauwelijks verandert.

Wijsheid vraagt volgens mij om beweging. Om de bereidheid je eigen kennis te onderzoeken, nieuwsgierig te blijven en nieuwe inzichten serieus te nemen. Ook wanneer die inzichten niet aansluiten bij wat je eerder hebt geleerd. Het gaat daarbij niet uitsluitend om het verzamelen van antwoorden. Het gaat evenzeer om het blijven stellen van vragen, juist wanneer je denkt het antwoord al te kennen.

En daarmee krijgt mijn kenniskubus een tweede dimensie, want terwijl de kubus aan de buitenkant groeit, gebeurt er binnenin iets wat minstens zo interessant is.

Wat diep vanbinnen ligt

Alles wat je vroeg in je leven hebt geleerd, bevindt zich in mijn voorstelling steeds dieper in de kubus. Je eerste ervaringen, de overtuigingen die je van je ouders hebt meegekregen, de ideeën die op school werden gevormd en de waarden die je omgeving belangrijk vond, raken geleidelijk omgeven door nieuwe kennis.

Veel van die overtuigingen zijn waardevol. Ze helpen ons de wereld te begrijpen en geven richting aan de keuzes die we maken. Toch kunnen ze zo vanzelfsprekend worden dat we nauwelijks nog beseffen dat het overtuigingen zijn. We ervaren ze als waarheden, eenvoudigweg omdat we er al zo lang mee leven.

En hoe dieper een overtuiging in onze kenniskubus ligt, hoe moeilijker het kan worden om haar opnieuw te onderzoeken.

Dat heeft niet uitsluitend met kennis te maken. Onze overtuigingen zijn vaak verbonden met onze identiteit, met de mensen bij wie we horen en met de manier waarop we ons leven hebben ingericht. Wanneer nieuwe informatie een diepgewortelde overtuiging ter discussie stelt, raakt dat daardoor veel meer dan alleen een gedachte. Het kan ons beeld van onszelf en van de wereld veranderen.

Stel dat je bent opgegroeid met een bepaalde opvatting over hoe mensen behoren te leven. Die overtuiging is jarenlang bevestigd door je omgeving en heeft invloed gehad op de keuzes die je hebt gemaakt. Op een dag ontmoet je iemand wiens levenservaring nauwelijks aansluit bij jouw beeld. Je kunt die ervaring afdoen als een uitzondering en je bestaande overtuiging behouden. Je kunt ook nieuwsgierig worden naar wat die ander je vertelt en onderzoeken of jouw oorspronkelijke beeld wel volledig was.

In beide gevallen heb je nieuwe informatie ontvangen. Het verschil zit in wat je bereid bent ermee te doen. Daar raakt wijsheid aan iets wat ik bijzonder belangrijk vind: de bereidheid om onzekerheid toe te laten.

De waarde van onzekerheid

Onzekerheid heeft in onze samenleving niet altijd een goede reputatie. We waarderen mensen die weten wat ze willen, duidelijk hun mening geven en overtuigd zijn van hun gelijk. Zeker in het publieke debat lijkt twijfel geregeld te worden opgevat als een gebrek aan overtuigingskracht. Wie zijn standpunt herziet, moet zich al snel verantwoorden voor het feit dat hij eerder iets anders dacht.

Toch vraag ik me af waarom we zo veel waarde hechten aan zekerheid. Onze kennis is immers altijd onvolledig. We beschikken nooit over alle informatie en onze ervaringen vertegenwoordigen slechts een klein deel van de werkelijkheid. Waarom zouden we dan verwachten dat onze overtuigingen onveranderlijk blijven?

Onzekerheid hoeft geen tekortkoming te zijn. Ze kan juist een bron van nieuwsgierigheid vormen. Het besef dat iets wat je altijd voor waar hebt gehouden mogelijk anders ligt, kan aanleiding zijn om opnieuw te gaan onderzoeken. En dat vraagt een bijzondere vorm van openheid, omdat je niet vooraf weet waar dat onderzoek je zal brengen.

Daarbij betekent twijfelen niet dat je voortdurend alles ter discussie moet stellen. We hebben overtuigingen nodig om keuzes te kunnen maken en richting te geven aan ons leven. Ook hoeft kritisch onderzoek er niet toe te leiden dat je een overtuiging loslaat. Je kunt haar opnieuw bekijken, verschillende perspectieven onderzoeken en uiteindelijk tot de conclusie komen dat ze nog altijd overeind staat.

Het verschil is dat je haar dan bewust hebt onderzocht. Dat vind ik een wezenlijk onderdeel van wijsheid. Niet de verplichting om van mening te veranderen, wel de bereidheid om dat te doen wanneer nieuwe inzichten daar aanleiding toe geven.

Hoe vrij is ons denken?

Hier raakt mijn kenniskubus aan mijn persoonlijke opvatting over vrijheid. Vrijheid betekent voor mij dat ieder mens zelfstandig keuzes kan maken en zijn eigen leven vorm kan geven. We denken daarbij vaak aan de ruimte die de samenleving ons biedt. Aan rechten, mogelijkheden en de afwezigheid van dwang.

Toch bestaat er volgens mij ook een innerlijke vrijheid die minstens zo belangrijk is.

Want hoe zelfstandig zijn onze keuzes wanneer we niet bereid zijn de overtuigingen te onderzoeken waarop die keuzes gebaseerd zijn? Hoe vrij denken we werkelijk wanneer onze opvattingen vooral worden bepaald door wat we ooit hebben geleerd, zonder dat we onszelf nog toestaan daar vragen bij te stellen?

Iedereen wordt gevormd door zijn omgeving. Dat is onvermijdelijk en op zichzelf waardevol. Ouders, leraren, vrienden en de samenleving waarin we opgroeien geven ons kennis, waarden en manieren om naar de wereld te kijken. Zonder die invloed zouden we ons nauwelijks kunnen ontwikkelen. Tegelijkertijd vraagt zelfstandig denken dat we op enig moment bereid zijn die meegekregen overtuigingen ook zelf te onderzoeken.

Dat betekent niet dat we afstand moeten nemen van onze opvoeding of van alles waarin we geloven. Het betekent dat we onszelf de vrijheid gunnen om opnieuw te kiezen, vanuit een groeiend begrip van de wereld. Daar krijgt de beweging binnen mijn kenniskubus betekenis.

Aan de buitenkant vraagt nieuwsgierigheid dat we bereid zijn het onbekende te ontmoeten. Diep binnenin vraagt wijsheid dat we bereid zijn het vertrouwde opnieuw te bekijken. Nieuwe kennis mag niet alleen de omvang van onze kubus vergroten. Ze moet ook de mogelijkheid krijgen om door te dringen tot de overtuigingen waarop ons denken rust. Zelfs wanneer die overtuigingen daardoor beginnen te wankelen.

Hoe diep durf je te twijfelen?

Ik begon met een eenvoudige kubus waarin alle kennis van een mens een plek heeft. Een kubus die groeit naarmate we leren en waarvan de buitenvlakken steeds opnieuw grenzen aan alles wat we nog niet weten.

Inmiddels zie ik in die voorstelling meer dan alleen een manier om kennis te begrijpen. De kubus laat ook zien dat wijsheid twee bewegingen vraagt. De nieuwsgierigheid om buiten onze bestaande kennis te kijken en de bereidheid om met nieuwe inzichten opnieuw naar binnen te gaan.

Socrates hielp mij begrijpen waarom het besef van onwetendheid zo belangrijk is. Cusanus liet zien hoe groeiende kennis ons bewuster kan maken van onze beperkingen. Het onderzoek van Baltes bevestigt dat omgaan met onzekerheid een wezenlijk onderdeel van wijsheid kan zijn. Hun gedachten geven mijn kubus een filosofische en wetenschappelijke achtergrond, terwijl de vraag wat we vervolgens met onze kennis doen voor mij persoonlijk steeds belangrijker wordt.

Want wijsheid is een werkwoord. Ze vraagt dat we blijven onderzoeken, luisteren, nadenken en bereid zijn onze overtuigingen opnieuw te beoordelen. Dat vraagt nieuwsgierigheid naar wat buiten onze kennis ligt en de innerlijke vrijheid om ook onze diepste zekerheden niet vanzelfsprekend te vinden.

De omvang van onze kenniskubus zegt iets over hoeveel we hebben geleerd. De manier waarop we omgaan met haar grenzen, en met alles wat daarbinnen ligt, vertelt mogelijk veel meer over onze wijsheid.

En daarmee blijft voor mij uiteindelijk één vraag over.

Hoe diep durf je in je eigen kenniskubus door te dringen om te onderzoeken of wat je altijd voor waar hebt gehouden, nog steeds waar is?

Bronnen

Plato – Socrates (ca. 399 v.Chr.)

Plato. (1966). Apology (H. N. Fowler, vert.). In Plato in twelve volumes (Vol. 1). Harvard University Press. (Oorspronkelijk werk ca. 399–387 v.Chr.).

Relevante passages: 21d–21e en 23b. Socrates bespreekt het verschil tussen daadwerkelijk weten en ten onrechte menen iets te weten.

https://www.perseus.tufts.edu/hopper/text?doc=Perseus:text:1999.01.0170:text=Apol.:section=21d

Nicolaus Cusanus (1440)

Nicholas of Cusa. (1990). Nicholas of Cusa on learned ignorance: A translation and an appraisal of De docta ignorantia (J. Hopkins, vert.; 2e ed.). Arthur J. Banning Press. (Oorspronkelijk werk gepubliceerd in 1440).

Relevante passage: Boek I, hoofdstuk 1, How it is that knowing is not-knowing. Cusanus beschrijft de menselijke behoefte om te weten en het besef van de grenzen van onze kennis.

https://www.upf.edu/en/web/cercca/ignorancia

Paul B. Baltes en Ursula M. Staudinger (2000)

Baltes, P. B., & Staudinger, U. M. (2000). Wisdom: A metaheuristic (pragmatic) to orchestrate mind and virtue toward excellence. American Psychologist, 55(1), 122–136.

https://doi.org/10.1037/0003-066X.55.1.122

Relevante passage: Het Berlin Wisdom Paradigm, waarin het herkennen en hanteren van onzekerheid een van de vijf criteria voor wijsheid vormt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.